Het Nationaal Park

In 1991 is het Dwingelderveld ingesteld als nationaal park.  

 

Overal in de wereld kunt u nationale parken vinden. Zij vormen een netwerk van belangrijke natuurgebeiden die een speciaal kwaliteitskeurmerk hebben gekregen.
In Nederland zijn 17 natuurgebieden aangewezen als nationaal park. Natuurbeheer staat er voorop, maar bezoekers kunnen er ook prima terecht. De national parken van Nederland ontvangen elk een jaarlijks budget van de overheid, waarmee zij extra voorzieningen, beheersmaatregelen en projecten kunnen betalen.  

WAT IS EEN NATIONAAL PARK?

Gran Paradiso in Italie maakt ook deel uit van het wereldwijde netwerk van nationale parken 

De mens heeft eeuwenlang gedacht, dat ruimte, water en andere natuurlijke hulpbronnen onuitputtelijk waren. Voor zijn voortbestaan maakte de mens dankbaar gebruik van de natuur. Toen de wereldbevolking toenam ontstonden cultuurlandschappen die er op het oog nog vrij natuurlijk uitzagen, maar die met ongerepte natuur niet veel meer te maken hadden.

In de Verenigde Staten van Amerika ontstonden bij een aantal vooraanstaande lieden voor het eerst twijfels over deze ontwikkelingen. Dit leidde in 1871 tot de oprichting van Yellowstone als het eerste nationale park ter wereld. In Europa was Zweden in 1909 het eerste land met een nationaal park. De arctische landschappen in het noorden waren nog redelijk ongestoord doordat ze niet geschikt waren voor intensieve landbouw of ander gebruik. Daarna volgden andere landen als- Zwitserland, Spanje, IJsland en Italië. Behalve de bescherming van natuurlijke landschappen, waren ook het instandhouden van diersoorten als de steenbok of het bewaren van het cultuurhistorisch erfgoed belangrijke redenen een gebied als nationaal park aan te wijzen.

Vanwege de zeer verschillende uitgangspunten bij aanwijzing van nationale parken heeft de 'International Union for the Conservation of Nature and Natural Recources', een onderdeel van de Verenigde Naties, in 1969 een definitie van nationale parken geformuleerd (vereenvoudigd):

Nationale parken bestaan uit natuurgebieden of natuurlijke landschappen van grote schoonheid, die niet wezenlijk zijn veranderd door menselijk gebruik, met bijzondere planten- en diersoorten, en die van bijzondere wetenschappelijke, educatieve en recreatieve waarde zijn.

Door het intensieve en eeuwenlange menselijk gebruik van het landschap zijn er in Nederland geen gebieden die helemaal voldoen aan de internationale regels. Daarom heeft de Nederlands regering een eigen definitie opgesteld:

Een nationaal park is een aaneengesloten gebied van meer dan 1000 ha, bestaande uit natuurterreinen zoals wateren en bossen met een bijzondere wetenschappelijke gesteldheid en planten- en dierenleven. Er zijn goede mogelijkheden voor zonering van het recreatieve medegebruik aanwezig. In een nationaal park liggen geen of bijna geen cultuurgronden. Doel van het beheer is instandhouding van en/of ontwikkeling van de aanwezige ecologische, landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Bij inrichting en beheer zullen de waarden van het landschapsschoon en natuur prevaleren boven alle andere belangen.

In Nederland wijst de Minister van Landbouw, Natuurbehoud en Visserij een nationaal park aan. In alle voor Nederland karakteristieke landschappen is een nationaal park aangewezen.
Een nationaal park wordt bestuurd door een Overlegorgaan, waar in eigenaren, beheerders en bestuurders zijn vertegenwoordigd. Het secretariaat van het Overlegorgaan is gevestigd bij de provincie. Het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij draagt een groot deel van de kosten van beheer en onderhoud, en van voorlichting en educatie binnen het nationaal park.

afdrukken